Molukse integratiegeschiedenis aan de wieg van het Nederlandse minderhedenbeleid

Na de dekolonisatie van Indonesië kwam in 1951 een groep Molukkers onder verantwoordelijkheid van de Nederlandse regering naar Nederland. De Molukse geschiedenis heeft aan de oorsprong gestaan van het Nederlandse minderhedenbeleid, stelt Fridus Steijlen in zijn oratie.

29-01-2018 | 16:00

Vorig jaar juni is Fridus Steijlen benoemd tot bijzonder hoogleraar Molukse Migratie en Cultuur in Comparatief Perspectief aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen. In zijn oratie legt hij uit hoe de Molukkers in de negentiende eeuw terecht kwamen in het Koninklijk Nederlands Indisch Leger (KNIL) en hoe zij in 1951 na de dekolonisatie van Indonesië naar Nederland kwamen. In Nederland vormden de Molukkers een gemeenschap met eigen instituties en ontwikkelden een eigen identiteit. Steijlen gaat ook in op de manier waarop Molukkers vorm bleven geven aan hun relatie met de Molukken.

Volgens Steijlen is er een dominant verhaal als het gaat om Molukkers, namelijk van de Molukkers die in het KNIL dienden. Steijlen wil benadrukken dat de gemeenschap diverser is en dat het belangrijk is om daar in onderzoek aandacht aan te besteden. Daarnaast is het van belang om de geschiedenis van de Molukkers te vergelijken met andere groepen. Volgens Steijlen is het onderzoek relevant omdat de Molukse geschiedenis aan de oorsprong heeft gestaan van het Nederlandse minderhedenbeleid. Bovendien sluit het onderzoek aan bij actuele maatschappelijke discussies over diversiteit.
Stijlen houdt zijn oratie op 9 februari om 15.45 in de Aula van de VU Amsterdam. 

Bron: Tjakalele in de Houtrusthallen te Den Haag, 25 april 1990 (Stg. Moluks Historisch Museum/O. Tatipikalawan).